Spring naar de hoofdinhoud

Verantwoord AI-gebruik in het onderwijs

“AI-tools komen snel op maar er bestaan nauwelijks regels voor” – (UNESCO, 2023)

1.  Achtergrond

Als 2023 het jaar was waarin de Vlaming AI leerde kennen, is 2024 het jaar waarin de technologie finaal doorbrak en vooral het onderwijs voor uitdagingen stelt (Bellens, 2025a). De snelle ontwikkeling van AI roept echter zorgen op over de ethische gevolgen en de ecologische voetafdruk ervan (United Nations Western Europe, 2025).

Nieuw tijdperk

Het jaar 2022 wordt wereldwijd beschouwd als het begin van een nieuw tijdperk waarin het niet langer zeker is of tekst en beeld door mensen of door AI zijn gemaakt (Bellens, 2025b). AI-experten uiten hun bezorgdheid over een mogelijke ‘model collapse’: het risico dat AI-modellen getraind worden op door AI gegenereerde data uit dit nieuwe tijdperk, wat kan leiden tot een vicieuze cirkel of self-fulfilling prophecy. Uit verschillende studies blijkt bovendien dat ‘nieuwer’ bij AI niet altijd ‘beter’ betekent: recentere modellen slaan soms de bal mis (Wokke, 2025b).

Liever verzonnen dan gezwegen

Minder dramatisch, maar wel een groter is probleem, is het ‘hallucineren’ of verzinnen van feiten of omstandigheden (Wokke, 2025a). Hallucineren kan onder verschillende vormen: door  gebrek aan kennis,  reproductie van incorrecte trainingsdata of zelfs creativiteit van het model. Het moto van een AI-model luidt dan ook “Liever verzonnen dan gezwegen”.

Een Large Languange Model (LLM) of taalmodel vormt de basis van Generatieve AI. Een taalmodel is primair een voorspeller van het volgende woord op basis van de training en finetuning die het heeft gehad. Die voorspeller is, kort door de bocht, niet meer dan een eenvoudige wiskundige interpolatie.

Het probleem is uiteindelijk fundamenteel: het taalmodel gebruikt een neuraal netwerk en statistiek om antwoorden te geven, maar het heeft geen ingebouwd systeem om waarheid en leugen van elkaar te onderscheiden. De oplossing is zichzelf aftoesten met het wereldwijde web, na het jaar 2022…

Onverantwoord gebruik maakt dommer

Naast de technische bezorgdheid zijn onderzoekers, waaronder psychologen, ook bezorgd voor de cognitieve impact op de gebruikers (Kosmyna et al., 2025). Een onderzoek van MIT toont hoe ons brein minder verbindingen maakt wanneer we steunen op AI-tools zoals ChatGPT (Van Leemputten, 2025). De meeste testpersonen kunnen zelfs niet navertellen wat ze kort voorheen hadden geschreven. Onverantwoord AI gebruiken maakt de leerlingen dus dommer.

Duurzaamheid

Een enkel ChatGPT-verzoek verbruikt tien keer meer elektriciteit dan een Google-zoekopdracht (United Nations Western Europe, 2025). AI‑toepassingen draaien voornamelijk in energie-intensieve datacenters waarvan het elektriciteitsverbruik naar schatting is gestegen tot ongeveer 415 TWh in 2024 (~1,5 % van het mondiale elektriciteitsverbruik), en dit zal naar verwachting verdubbelen tot circa 945 TWh in 2030 (~3 %) (IAE, 2025). De snelle groei wordt gedreven door zogenaamde “accelerated servers” voor AI, waarvan het elektriciteitsverbruik jaarlijks met ongeveer 30 % toeneemt, tegen zo'n 9 % voor reguliere servers.

2.  Praktische leidraad

Deze praktische leidraad biedt een concreet kader voor het verantwoord gebruik van AI in het onderwijs (Kenniscentrum Digisprong, 2023). De leidraad toont aan hoe AI tools zinvol ingezet kunnen worden binnen en buiten de klas, wat we verwachten van zowel leerlingen als personeel, en hoe we samen streven naar betrouwbare evaluaties. Daarnaast onderstrepen we het belang van duidelijke richtlijnen met betrekking tot privacy en veiligheid (UNESCO, 2023). UNESCO stelt een mensgerichte benadering voorop die moet waarborgen dat de technologie het onderwijs en de leerkrachten en studenten ten goede komt.

Tegelijk willen we het bewustzijn rond AI vergroten, het nut ervan verduidelijken en aandacht besteden aan duurzaamheid en ethische aspecten. AI is een hulpmiddel en geen doel op zich, geen zoekmachine en zeker geen vervanging van handboeken, leerkrachten of personeel.

3.  Wettelijk kader

3.1.  Europese wetgeving 

Voor jongeren onder de 13 jaar is altijd toestemming van de ouders vereist voor het verwerken van persoonsgegevens. Dit geldt dus niet enkel voor AI-tools, maar voor elke online tool waarbij persoonsgegevens worden verwerkt. 

GDPR

De ondergrens van 13 jaar voor gegevensverwerking in de Europese Unie komt voort uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG of GDPR). Deze wetgeving bepaalt dat kinderen bijzondere bescherming verdienen bij de verwerking van hun persoonsgegevens, omdat zij zich minder bewust kunnen zijn van de risico’s, gevolgen en hun rechten. 

Concreet stelt artikel 8 van de GDPR dat de verwerking van persoonsgegevens van kinderen alleen rechtmatig is als het kind minstens 16 jaar is, tenzij een lidstaat zelf een lagere leeftijd vastlegt – met een absolute ondergrens van 13 jaar. Veel landen, waaronder België en Nederland, hebben ervoor gekozen om die grens op 13 jaar te leggen. 

Waarom 13 jaar?

Deze grens sluit aan bij internationale standaarden, zoals de Amerikaanse COPPA-wetgeving (Children's Online Privacy Protection Act), en houdt rekening met de toenemende online activiteit van jongeren vanaf die leeftijd. Onder de 13 jaar moeten ouders of wettelijke vertegenwoordigers expliciet toestemming geven voor het aanmaken van accounts of het gebruik van diensten waarbij persoonsgegevens worden verzameld.

3.2.  Wat zijn persoonsgegevens? 

Onder persoonsgegevens vallen alle gegevens waarmee een persoon direct of indirect geïdentificeerd kan worden. Denk aan naam, geboortedatum, adres, e-mailadres, foto’s, schoolresultaten, locatiegegevens, IP-adressen of zelfs stemopnames. Ook combinaties van gegevens die samen tot een persoon te herleiden zijn, vallen hieronder. Het is belangrijk hier bewust mee om te gaan, zeker wanneer leerlingen online tools of AI-systemen gebruiken.

3.3.  Gebruiksvoorwaarden van AI-tools 

Naast de wettelijke ondergrens van 13 jaar hanteren veel AI-aanbieders eigen gebruiksvoorwaarden met specifieke leeftijdsgrenzen, gebaseerd op internationale regelgeving. Dit beperkt het rechtstreeks gebruik door leerlingen. Zo gelden de volgende voorwaarden: 

  • ChatGPT: minimumleeftijd 13 jaar 
  • Claude, Copilot Chat: minimumleeftijd 18 jaar

3.4  AI-richtlijnen Katholiek Onderwijs Vlaanderen 

We volgen de richtlijnen van Katholiek Onderwijs Vlaanderen (KOV) met betrekking tot het gebruik van AI in het onderwijs. Voor jongeren tussen 13 en 18 jaar is ouderlijke toestemming verplicht om AI-tools te mogen gebruiken. De AI-tools die door de school worden ingezet, zijn geselecteerd met inachtneming van de platformspecifieke voorwaarden en leeftijdsgrenzen. Een duidelijke motivering waarom deze tools deel uitmaken van het pedagogisch traject is vereist. 

In theorie volstaat éénmalige ouderlijke toestemming, maar in de praktijk is een jaarlijkse bevraging aangewezen, gezien de evolutie van tools en hun gebruiksvoorwaarden.

3.5.  Concreet

  • AI-tools mogen worden gebruikt vanaf de tweede graad van het secundair onderwijs door leerlingen met een persoonlijk account, mits ouderlijke toestemming voor leerlingen jonger dan 18 jaar. 
  • Jaarlijkse bevraging van de "Toestemming gebruik artificiële intelligentie", conform de richtlijnen van KOV, met registratie in het leerlingvolgsysteem op Smartschool. 
  • Een overzicht van AI-systemen die gebruikt kunnen worden (mits toestemming) wordt centraal beschikbaar gesteld op de Mirho Kennisbank (https://wiki.mirho.be).

4.  Gebruik door leerlingen

De afspraken en handvaten voor het gebruik van AI in de klas zijn gebaseerd op de uitwerking van het Sint-Lievenscollege in Gent (Wulgaert et al., 2025) op basis van vier gebruiksniveaus (Furze, 2024). Voor concrete uitwerkingen van AI-gebruik thuis en in de klas, lesmateriaal en tips-en-tricks kijk je best op:

https://www.robbewulgaert.be/onderwijs/handvat-voor-lesmateriaal

4.1.  Ondersteunen zonder te vervangen

AI kan het leerproces versterken, bijvoorbeeld door ideeën te genereren, zaken te verbeteren of complexe analyses te ondersteunen. Toch blijft het essentieel dat de AI-technologie de onderwijsdoelen of didactiek niet overschaduwt. De volgorde blijft:

  • Doelen: Wat willen we dat leerlingen leren of bereiken?
  • Didactiek: Hoe ondersteunen we deze doelen het best?
  • Tools: Welke middelen, waaronder AI, werken daarbij versterkend?

4.2.  Duidelijke richtlijnen

Om leerlingen effectief en bewust met AI te leren omgaan, hanteren we een schaal met vier gebruiksniveaus (Wulgaert et al., 2025):

  • 0: Niet gebruiken
  • 1: Inspireren of plannen
  • 2: Verbeteren, bewerken, aanvullen
  • 3: Toegelaten zonder beperkingen

Deze aanpak schept heldere verwachtingen over wanneer en hoe AI wel of niet mag worden ingezet binnen opdrachten, projecten of evaluaties (Perkins et al., 2023). We begeleiden leerlingen actief in het herkennen van zowel de mogelijkheden als de beperkingen van generatieve AI. Daarbij beklemtonen we dat AI een hulpmiddel is, geen doel op zich. Ook duurzaamheid en ethisch gebruik komen aan bod: leerlingen worden gewezen op het gebruik van AI-toepassingen en leren hier inzichtelijk en verantwoord mee om te gaan.

Beeldmateriaal
  • AI Poster voor in de klas:

20251001 AI niveaus_poster voor in de klas.png

  • Logos voor bij opdrachten en testen als visuele ondersteuning (met vertalingen):
Niveau 0: Geen AI toegelaten
  • AI mag niet gebruikt worden in eender welke vorm.
  • Dit niveau geldt bij overhoringen, examens of klasopdrachten waarbij authentieke kennis en vaardigheden worden getoetst.
  • Leerlingen werken zelfstandig, zonder technologische ondersteuning van AI.
Niveau 1: Inspireren of plannen
  • AI mag enkel worden gebruikt vooraf ter ondersteuning van het denkproces, bijvoorbeeld om ideeën te genereren of structuur aan te brengen in een opdracht.
  • De inhoud, verwerking en formulering nadien komen volledig van de leerling.
  • AI is hier een hulpmiddel aan het begin van de opdracht om tot een eigen creatief of inhoudelijk traject te komen.
  • Leerlingen houden de input van AI bij waarvan ze zijn vertrokken (bv. prompts of antwoorden), zodat hun denkproces transparant blijft.
Niveau 2: Verbeteren, bewerken en aanvullen
  • AI wordt pas ingezet nadat de leerling de opdracht volledig zelf heeft gemaakt. Het wordt gebruikt om het eigen werk te verfijnen of aan te vullen, bijvoorbeeld via taalcorrecties, stijlverbetering, lay-outaanpassingen of het toevoegen van visuele elementen.
  • Leerlingen kunnen AI ook raadplegen om specifieke delen van hun werk aan te vullen, maar blijven verantwoordelijk voor de selectie, beoordeling en verwerking van de gegenereerde inhoud.
  • Reflectie en transparantie zijn essentieel: leerlingen documenteren welke delen door AI zijn beïnvloed en leveren zowel hun oorspronkelijke versie als de aangepaste versie in.
  • Dit niveau stimuleert het gebruik van AI als co-creator, zonder dat de eigen inbreng verdwijnt.
Niveau 3: AI volledig toegelaten zonder beperkingen
  • AI mag vrij worden ingezet in alle fasen van de opdracht: van brainstorm tot eindproduct.
  • Dit niveau is geschikt voor taken waarin creativiteit, innovatie of exploratie centraal staan.
  • Leerlingen gebruiken AI als een volwaardige partner in het leerproces, maar blijven verantwoordelijk voor de inhoudelijke kwaliteit en correctheid van hun werk.
  • Kritisch denken en broncontrole blijven onmisbaar. Leerlingen moeten kunnen onderbouwen welke AI-tools ze gebruikten, met welk doel en hoe ze tot hun keuzes kwamen.

Deze niveaus bieden houvast voor een doordachte inzet van AI binnen het onderwijs. Door ze expliciet te benoemen bij opdrachten, ondersteunen we leerlingen in hun digitale geletterdheid en leren we hen AI te gebruiken als een krachtig, maar kritisch te benaderen instrument.

Maak gebruik van de AI Poster voor in de klas en de AI beeldmateriaal bij opdrachten en testen als visuele ondersteuning. Er zijn vertalingen van de logo's naar het Duits en het Latijn. Andere talen zijn in aanmaak.

Opgelet: de gebruiksniveaus volgens Furze (2024) telt een extra niveau vier “Creatief aan de slag”, welke het gebruiksniveau van de leerlingen in het secundair onderwijs overstijgt.

4.3.  AI-gebruik bewust verantwoorden

Naast het hanteren van duidelijke gebruiksniveaus, moedigen we aan om leerlingen bewust te laten reflecteren op hun inzet van generatieve AI bij opdrachten. Dit kan door hen – waar relevant – drie verantwoordingsstukken te laten indienen:

  1. De versie van de opdracht vóór het gebruik van AI;
  2. De versie van de opdracht ná het gebruik van AI;
  3. Een korte reflectie op het gebruik van AI in functie van de opdracht (bv. wat werkte goed, wat bleek minder bruikbaar, wat heeft AI mij doen inzien, wat heb ik bijgeleerd van AI, hoe is AI geïntegreerd?).

Deze verantwoording stimuleert een kritische houding en maakt het leerproces transparanter, zowel voor leerling als leerkracht. Het benadrukt dat AI geen doel op zich is, maar een middel om het denken en leren te ondersteunen.

Het aanreiken van deze structuur betekent niet dat het gebruik van AI verplicht wordt, noch dat elke opdracht deze drie documenten moet bevatten. Leerkrachten maken een afweging op basis van het leerdoel, de opdracht en het gekozen gebruiksniveau. Wanneer AI wél wordt ingezet, draagt deze verantwoording bij tot een bewuster gebruik van AI in het leerproces.

4.4.  Ongeoorloofd AI-gebruik en Sanctioneren

Als er een vermoeden van ongeoorloofd gebruik van AI is (buiten de expliciet aangegeven niveaus van de leraar voor een opdracht), wordt volgende procedure gevolgd:

  1. Toelichting door de leerkracht
    De leerkracht legt aan de leerling de redenering uit waarom er een vermoeden is van ongeoorloofd gebruik.
  2. Bewijs door de leerling
    De leerling is verantwoordelijk voor het aantonen dat de opdracht zelf is gemaakt door het tonen van kladversies, voorbereidingen of schema’s, eerdere versies, enzovoort. Als de leerling dit niet kan tonen, blijft het vermoeden van ongeoorloofd gebruik bestaan.
  3. Overweging van beide standpunten
    Beide standpunten worden overwogen door de opvoedingscoördinator[1] in samenspraak met de leerling en de leerkracht.
  4. Bepaling van de gevolgen door de leerkracht:
    • Waarschuwing: bij een eerste overtreding wordt dit in het LVS genoteerd.  De leerling krijgt een tweede kans om de opdracht opnieuw te maken volgens de afspraken van de niveaus.
    • Puntenaftrek of onvoldoende: bij een duidelijk, onbetwistbare of herhaalde overtreding kan de leerkracht besluiten om punten af te trekken of de opdracht als ongeldig te verklaren wat gelijkstaat met een 0 voor de opdracht. 

4.5.  Concreet

  • Leerkrachten bepalen per opdracht welk AI-gebruiksniveau geldt en vermelden dit expliciet.
  • Indien geen niveau wordt opgegeven, geldt vrije inzet van AI (niveau 3).
  • Leerlingen moeten steeds kunnen verantwoorden hoe en waarom ze AI hebben gebruikt; dit vermelden ze bij voorkeur in hun bronnenlijst of reflectie.
  • Overweeg om opdrachten op te splitsen in deelopdrachten met verschillende gebruiksniveaus, om het AI-gebruik gericht te begeleiden.
  • Bij onduidelijkheid over de herkomst van teksten kan de leerkracht in gesprek gaan met de leerling. Indien nodig wordt het beschouwd als plagiaat, met mogelijke sancties tot gevolg.

4.6.  Uitgewerkte voorbeelden in de klascontext

Aanbevolen literatuur met uitgewerkte voorbeelden van AI-gebruik in de klascontext.

"AI in de Klas - Handvat voor Lesmateriaal" (Wulgaert et al., 2025)

https://www.robbewulgaert.be/onderwijs/handvat-voor-lesmateriaal

image.png

"Surfen op de AI-golf met een pedagogische surfplank" (PBD-GO!, 2025)

https://pro.g-o.be/themas/pedagogische-begeleiding/digitale-transformatie/artificiele-intelligentie-ai

/image.png

5.  Gebruik door personeel

Het gebruik van AI door personeel moet steeds gebeuren met respect voor privacy en in overeenstemming met de GDPR. Onderwijsinstellingen zijn verwerkingsverantwoordelijken van persoonsgegevens en moeten dus:

  • Een grondslag hebben voor elke verwerking van persoonsgegevens (bv. toestemming of gerechtvaardigd belang).
  • Enkel AI-tools gebruiken met een geldige verwerkersovereenkomst (DPA).
  • Zeker zijn dat data binnen de EU of een gelijkwaardig beschermde regio worden verwerkt.
  • Tools gebruiken die geen gebruik maken van input/output voor modeltraining.

5.1.  Concreet

  • Gratis AI-accounts zijn meestal niet GDPR-compliant.
  • Persoonsgegevens bepalen of je AI kan gebruiken.
  • Enkel enterprise-oplossingen met DPA en databeheer zijn veilig inzetbaar in het onderwijs.

Wel Toegestaan

Niet Toegestaan

Lesmateriaal of feedback genereren (zonder leerlinggegevens)

Feedback geven op leerlingwerk via AI met ingevoerde leerlinggegevens

Leerlingen laten experimenteren met ChatGPT in de klas (met begeleiding)

AI inzetten voor analyse of rapportage van leerlingprestaties

Transcripties van vergaderingen automatiseren (zonder gevoelige data)

AI gebruiken als beoordelaar of automatisch evaluatie-instrument

6.  Contact

Heb je vragen of twijfels over het gebruik van AI in jouw lespraktijk of binnen de schoolwerking? Contacteer de werkgroep pedagogische ICT. Samen werken we aan een veilige, doordachte en waardevolle integratie van AI in het onderwijs.

Referenties

Bellens, E. (2025a, maart 11). AI breekt aan rotvaart door in Vlaanderen (en stelt vooral het onderwijs voor uitdagingen). Data News. https://datanews.knack.be/nieuws/belgie/ai-breekt-aan-rotvaart-door-in-vlaanderen-en-stelt-vooral-het-onderwijs-voor-uitdagingen/

Bellens, E. (2025b, juni 20). Nieuw project verzamelt pre-AI teksten in tijdscapsule. Data News. https://datanews.knack.be/nieuws/innovatie/ai/nieuw-project-verzamelt-pre-ai-teksten-in-tijdscapsule/

Furze, L. (2024). Updating the AI Assessment Scale. https://leonfurze.com/2024/08/28/updating-the-ai-assessment-scale/

IAE. (2025). Energy and AI. IAE. https://www.iea.org/reports/energy-and-ai

Kenniscentrum Digisprong. (2023). VERANTWOORDE AI IN HET VLAAMSE ONDERWIJS - Een collaboratief proces van ontwikkeling tot gebruik (Visietekst No. D/2023/3241/459; p. 23). Departement Onderwijs en Vorming.

Kosmyna, N., Hauptmann, E., Yuan, Y. T., Situ, J., Liao, X.-H., Beresnitzky, A. V., Braunstein, I., & Maes, P. (2025). Your Brain on ChatGPT: Accumulation of Cognitive Debt when Using an AI Assistant for Essay Writing Task (Versie 1). arXiv. https://doi.org/10.48550/ARXIV.2506.08872

PBD-GO! (2025). AI in de klas—Surfen op de AI-golf met een pedagogische surfplank—Versie 1.1 (p. 56). GO! Pedagogische Begeleidingsdienst. https://pro.g-o.be/themas/pedagogische-begeleiding/digitale-transformatie/artificiele-intelligentie-ai/

Perkins, M., Furze, L., Roe, J., & MacVaugh, J. (2023). The AI Assessment Scale (AIAS): A Framework for Ethical Integration of Generative AI in Educational Assessment. https://doi.org/10.48550/ARXIV.2312.07086

UNESCO. (2023). Guidance for generative AI in education and research. UNESCO. https://doi.org/10.54675/EWZM9535

United Nations Western Europe. (2025, april 7). Artificial intelligence: How much energy does AI use?https://unric.org/en/artificial-intelligence-how-much-energy-does-ai-use/

Van Leemputten, P. (2025, juni 19). Studie: Je hersenen functioneren slechter door ChatGPT. Data News. https://datanews.knack.be/nieuws/innovatie/ai/studie-je-hersenen-functioneren-slechter-door-chatgpt/

Wokke, A. (2025a, mei 11). Groot probleem met nieuwe AI-modellen: Ze vertellen je meer onzin—Achtergrond—Tweakers. Tweakers. https://tweakers.net/reviews/13236/groot-probleem-met-nieuwe-ai-modellen-ze-vertellen-je-meer-onzin.html

Wokke, A. (2025b, juni 15). Hoe AI-modellen uit de bocht kunnen vliegen. Tweakers. https://tweakers.net/reviews/13270/hoe-ai-modellen-uit-de-bocht-kunnen-vliegen.html

Wulgaert, R., Degrave, D., Dhondt, K., & Vanderfaeillie, D. (2025). AI in de Klas—Handvat voor Lesmateriaal(p. 44). Sint-Lievenscollege. https://www.robbewulgaert.be/onderwijs/handvat-voor-lesmateriaal



[1] De benaming kan verschillen: opvoedingscoördinator, leerlingencoach of tucht.